Hits: 0

Eerlijkheid

Jezus keek hen aan en zei: ‘Als het van mensen afhangt, kan niemand gered worden.

Maar het hangt van God af. En voor God is alles mogelijk.’

Marcus 10:27

.

Laten we daarbij steeds blijven denken aan Jezus. Hij zorgde ervoor dat we gingen geloven, en hij maakt ons geloof volmaakt. Hij is voor ons aan het kruis gestorven. Hij vond het niet erg dat hij op die manier vernederd werd. Want hij dacht aan de beloning die hij in de hemel zou krijgen. En nu zit hij naast God, aan de rechterkant van Gods troon.

Hebreeën 12:2

.

Iedereen die gelooft dat Jezus de Zoon van God is, hoort voor altijd bij God. En God blijft voor altijd in hem.

1 Johannes 4:15

.

Ik zorg ervoor dat ze gered worden, ik geef hun het eeuwige leven. En niemand kan hen bij mij weghalen.
29-30 Want mijn Vader heeft mij de hoogste macht gegeven. De Vader en ik zijn samen één. En niemand kan God, de Vader, iets afnemen.’

Johannes 10:28-30

.

Maar God heeft hem gestraft voor ons. Gods dienaar is mishandeld voor onze fouten, hij is gedood voor onze zonden. Want wij luisterden niet meer naar God, we leken wel verdwaalde schapen

Jesaja 53:5

.

12 Hij is de redder die God gestuurd heeft. Er is niemand anders op de wereld die ons kan redden.’

Handelingen 4:12

.

Jezus zei: ‘Stel dat iemand honderd schapen heeft, maar hij raakt er één kwijt. Wat zal hij dan doen? Hij laat de 99 andere schapen in de heuvels achter. En hij gaat op zoek naar dat ene schaap dat hij kwijt is.

Mattheüs 18:20

.

God heeft zijn liefde aan ons laten zien door zijn enige Zoon naar de wereld te sturen. Dankzij zijn Zoon krijgen wij het eeuwige leven.

1 Johannes 4:9

.

Jezus antwoordde: ‘Er is nog één ding dat je moet doen. Verkoop alles wat je hebt en geef het geld aan de armen. Dan zul je in de hemel een grote beloning krijgen. Als je alles weggegeven hebt, kun je terugkomen en met mij meegaan.’

Lucas 18:27

.

Ik geef jullie deze regel: Houd van elkaar, net zoals ik van jullie houd.

Johannes 15:12

.

Jezus en zijn leerlingen gingen verder, en kwamen bij een dorp. Daar woonde een vrouw die Jezus uitnodigde om bij haar thuis te komen. Ze heette Marta,

Mattheus 10:38

Romeinen 10:9

Efeziërs 5:2

1 Petrus 3:15

Jesaja 53:4

1 Timoteüs 2:15

Kolossenzn 3: 15

Johannes 13:20